vkbanen.nl  02 februari 2012
Door: Gijs Herderscheê


De onderkant van de arbeidsmarkt wordt grondig hervormd. 'Werken naar vermogen' gaat de wet heten. Iedereen in de bijstand, in de sociale werkplaatsen en in de jonggehandicaptenwet Wajong wordt verplicht te gaan werken. Ook werk dat minder oplevert dan het minimumloon moet worden aangenomen. De gemeente vult het salaris indien nodig aan tot het minimumloon.

Dit is de kern van het wetsvoorstel Werken naar vermogen dat staatssecretaris Paul de Krom van Sociale Zaken (VVD) woensdag heeft ingediend bij de Tweede Kamer. Het gaat om een grondige hervorming van de onderkant van de arbeidsmarkt.

De werkplicht gaat gelden voor alle 314 duizend bijstandsgerechtigden en voor de jonggehandicapten die sinds 1 januari dit jaar een Wajong-uitkering hebben gekregen, tenzij zij volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn. Degenen die na dit jaar voor beschut werk in aanmerking komen, kunnen ofwel in een sociale werkplaats aan de slag ofwel onder begeleiding bij een reguliere werkgever.

Voor de 216 duizend jongeren die al een Wajong-uitkering hebben, voor de 100 duizend mensen die in een sociale werkplaats werken en de 24 duizend mensen op de wachtlijst voor de sociale werkplaats verandert er vooralsnog niets. Wel wil het kabinet het aantal plaatsen in de sociale werkplaatsen de komende dertig jaar geleidelijk inkrimpen tot 30 duizend. De inkrimping gebeurt via natuurlijk verloop. 'Er vallen geen ontslagen', aldus De Krom.

De maatregel moet op termijn 1,8 miljard euro besparen. Zo betaalt de overheid voortaan 20 duizend euro per plek in een sociale werkplaats terwijl de gemeenten daar nu nog gemiddeld 27 duizend euro per plaats voor betalen. Volgens De Krom stimuleert dit gemeenten om hun sociale werkplaats te hervormen. Door meer werkers bij reguliere werkgevers te detacheren worden de kosten lager. De werkgever betaalt de werkplaats immers voor de werknemer.

Overigens voorziet het kabinet een extra toeloop op de bijstand door de versobering van de Wajong en de sociale werkplaatsen. Voor deze regelingen worden de keuringen verscherpt en de Wajonguitkering wordt verlaagd van 75 procent naar 70 procent van het minimumloon, oftewel bijstandsniveau. Voor extra uitgaven aan bijstand is 200 miljoen ingeboekt.

De staatssecretaris verwerpt de kritiek vanuit de vakbeweging en een deel van de oppositie dat hij mensen in armoede stort doordat hij het minimumloon loslaat. De Krom: 'Is het dan een teken van beschaving om mensen thuis te laten zitten tegen een uitkering op minimumniveau en er niet meer naar om te kijken? Echt, er zijn stapels rapporten die aantonen dat werk mensen uit de armoede haalt, uit de sociale uitsluiting. Dat werk mensen gevoel voor eigenwaarde geeft. Dat wil ik hiermee bereiken.'

De FNV noemt het wetsvoorstel van De Krom een 'laffe, grove, harde bezuiniging, waarbij mensen aan de onderkant aan hun lot worden overgelaten', aldus federatiebestuurder Leo Hartveld.

Divosa, de vereniging van directeuren van sociale diensten, vindt het wetsvoorstel een stap in de goede richting. 'De grondgedachte van de wet, één regeling voor mensen die slechte kansen hebben op de arbeidsmarkt, is uitstekend. De wet is wel erg complex geworden', aldus Divosa-voorzitter René Paas.

De club van sociale werkplaatsen, Cedris, hekelt vooral de financiering. 'Het budget is vooral in de eerste jaren ontoereikend om hulp en begeleiding te bieden. Denk aan aanpassing van de werkplek, scholing van de medewerker en begeleiding van de medewerker op de werkplek.'